"Je went eraan dat dingen niet kunnen, maar blijf oog houden voor wat wél mogelijk is."

- Janske Vandewall (Regiebehandelaar)

JEUGDZORG IN CORONATIJD

Hoe gaat het met… regiebehandelaar Janske Vandewall?

“Corona is lastig, maar ik heb deze tijd ook als verfrissend ervaren. Het heeft de jongeren en ons zeker iets opgeleverd”, vertelt Janske. Bij Bijzonder Jeugdwerk is ze eindverantwoordelijk voor de behandeling van een aantal jongeren. Onder haar hoede vallen de behandelgroepen Molenstraat en De Wel in Helmond.

“Begin maart brak het virus uit in Brabant. Veel mensen gingen thuiswerken, maar na twee weken thuis met kleine kinderen wist ik: ‘Dit is echt niét te doen’. Ik regelde noodopvang voor mijn kinderen en ging weer aan de slag op mijn werkplek in Helmond. Er moesten al snel keuzes gemaakt worden. Samen met de groepsleiding keken we welke jongeren naar huis konden en welke jongeren op de groep zouden blijven, al hadden we geen idee voor hoe lang.”

Alleen op de kamer

“Het was en is een rare tijd. De meeste jongeren die in de Helmondse groepen verblijven, werken toe naar meer zelfstandigheid, participatie en het vergroten van hun netwerk. Maar toen corona kwam, viel alles stil. Ineens zat iedere jongere alleen op z’n kamer, er was geen verlof of bezoek meer mogelijk, activiteiten buiten de deur vielen weg, terwijl dat eigenlijk indruist tegen alles waar wij voor staan. We zagen al snel dat het niet goed is voor jongeren om zoveel op hun kamer te zitten. Het werkt passiviteit, verveling en somberheid in de hand. Jongeren gaan minder goed voor zichzelf zorgen, zien geen reden meer uit bed te komen.”

Janske Vandewall, regiebehandelaar

Creatieve oplossingen

“Jongeren worden bij ons individueel begeleid. Het groepsgebeuren is eigenlijk geen middel in de behandeling, maar tijdens corona hebben we dat toch aangemoedigd, juist om vereenzaming tegen te gaan. Onze jeugdzorgwerkers kwamen met creatieve oplossingen. Er werd een fitnessruimte ingericht op de groep, gezamenlijke eetmomenten gecreëerd, samen spelletjes gedaan, veel met elkaar gepraat over de maatregelen. Ook de huisbespreking met de jongeren bleef overeind, al moesten ze daarvoor uitwijken naar een grotere ruimte. Medewerkers hielpen de jongeren om waar mogelijk hun baantjes en hobby’s te behouden, omdat dagbesteding zo belangrijk voor ze is. Heel vindingrijk waren ze daarin en je zag dat dat een positief effect had op de jongeren.”

Oog voor mogelijkheden

“Na die beginperiode vonden we dat er weer iets moest gebeuren. Want de lockdown duurde best lang en het sluipt erin dat je gaat wennen aan zo’n voortkabbelende situatie. Heel Nederland zat natuurlijk in een bubbel waarin heel weinig mogelijk was. Het is in de behandeling van jongeren juist belangrijk om oog te houden voor wat wél mogelijk is. Daarom zijn we voor alle trajecten opnieuw de balans gaan opmaken. Welke inzichten geeft corona ons? Zitten we op de goede weg met deze jongere? Is hij of zij nog op de goede plek bij ons? Samen met iedere jongere zijn we het perspectief, de kansen en mogelijkheden opnieuw gaan verkennen. Ook ouders, gemeente en partners werden daarbij betrokken. Dat was heel leerzaam, omdat je ook kritisch naar je eigen rol moet kijken.”

Tijd voor een nieuwe start

Wat corona heeft opgeleverd? We ontdekten bij sommige jongeren en gezinnen dat het tijd was voor een nieuwe start. Enkele jongeren die tijdelijk naar huis waren gegaan, bleken thuis te kunnen blijven met ambulante ondersteuning. Deze ouders kregen in coronatijd het vertrouwen dat dat weer mogelijk zou zijn. Andere jongeren bleken toe aan een volgende stap. Hierdoor is de doorstroom ook weer op gang gekomen en is ruimte ontstaan voor nieuwe instroom. Ons doel is dat jongeren stappen zetten en dat is door corona zeker gebeurd.”

Deze oplossingen horen bij mijn traject